|
Lanspuntslang Latijnse naam: Bothrops Asper Nederlandse naam: Fluweelslang , Fer-de-lance , Lanspuntslang Herkomst: Centraal Amerika (Carribian gebied tot Venezuela , Mexiko en Colombia Habitat: Laaglandvlakten in zowel drogere gebieden als in tropisch regewoud Het ligt nog redelijk vers in het geheugen ; In Enkhuizen is een aantal jaren geleden een voorval geweest van een verwarde man die vertelde op de lanspuntslang van een kennis te passen. Het dier zou uit de vogelkooi zijn ontsnapt en heel Enhuizen was in rep en roer. Later bleek dat de man alles had verzonnen om aandacht te krijgen.... Deze lanspuntslangen worden ook vaak verward met ratelslangen , niet erg vreemd omdat de ruitvormige patroontekeningen ook erg lijken op die van diamantratelslangen. Echter het ontbreken van een ratel is snel te herkennen en ook de vaal-gele onderzijde van de kop zijn duidelijk tekenen dat het niet om een ratelslang gaat. Qua grootte doen ze echter weer niet onder voor de grotere ratelslangensoorten ; ze kunnen tot wel 185 cm lang worden , waarbij vrouwtjes zich duidelijk onderscheiden door hun massievere lichaam en kop. Vrouwtjes kunnen dan ook 4 - 6 kilo zwaar worden en hebben zelfs grotere giftanden dan mannetjes. Jonge dieren (tot 10 maanden) zijn visueel niet te sexen , pas na deze leeftijd zal het vrouwtje een beduidend snellere groei laten zien. Gezien de grote aantallen levengeboren jongen (tot wel 80 in één worp , maar gemiddeld 30) , is het al byzonder dat deze dieren onder de wetgeving van CITES C vallen. De jongen worden geboren na een dracht van ruim 6 maanden , uitlopend tot wel 8 maanden. Vele deskundigen noemen de lanspuntslang "de ultieme groefkopadder" . Niet voor niks , want de lanspuntslang staat bekend om z'n nerveuse gedrag en zal als hij niet kan vluchten , een furieuze defensieve aanval inzetten om zich te verdedigen en het gif is een snelwerkend weefselvernietigend gif dat ernstige gevolgen kan hebben. In het herkomstgebied worden ze aangeduid als de gifslangen met de meeste beetgevallen op hun naam en er vallen regelmatig doden. De oude Maya indianen vertrouwden op deze dieren om hun steden te bewaken tegen indringers van buiten af. Misschien een leuke byzonderheid ; het gaat hier om voornamelijk nachtactieve dieren! Het defensieve/explosieve/nerveuze karakter van de lanspuntslang is zó berucht , dat er maar weinigen zijn die dit dier in gevangenschap zullen (willen) houden. Bron : Reptielenopvang |